Je stopt niet met spelen omdat je oud wordt, maar je wordt oud omdat je stopt met spelen.
|
Sinds gisteren ben ik in het bezit van een nieuwe verrekijker, de Pentax Papilio 8,5×21.



Mooi kijkertje hè?
Deze kijker heeft de bijzondere eigenschap dat je er al op een afstand van 50 centimeter mee kunt scherpstellen. Dit biedt mij de mogelijkheid om vlinders en kleine insecten te observeren in de eet-en drinkpauzes die mijn lief en ik inlassen als we door de bossen struinen. Zie je het voor je? Wij zitten op een bankje of boomstronk en aan mijn voeten wriemelt er dan een of ander beestje. Dat wekt mijn interesse en dan wil ik ook weten wat zo’n frummeltje aan het sjouwen is of hoe het er uitziet. Met deze verrekijker kan ik dat uitstekend zien en dan besef je pas goed wat je mist zonder zo’n kijkertje.
Eigenlijk heb ik het aan mijn twee zussen te danken dat ik opmerkzaam werd gemaakt op deze mogelijkheid. De ene zus maakt prachtige foto’s van vlinders, libellen en insecten. Al vaker had ik verzucht dat het zo jammer was dat je die details, die zij op haar foto’s weet te vangen, niet met het blote oog kunt bekijken. De andere zus had de Papilio op haar verjaardag gekregen. Toen ik er doorheen keek was ik verkocht, dit kijkertje paste precies bij mijn wensen.
Op de onderstaande foto’s kun je zien hoe mooi vlinders en insecten zijn. De foto’s zijn gemaakt door Wilma van Holten. Op www.waarneming.nl zijn nog veel meer foto’s van haar hand te zien.
de Heivlinder, zie je het roltongetje bij de kop?
de Blauwe glazenmaker
de Blauwe glazenmaker in close-up
de Houtpantserjuffer
een detail van de Glassnijder
twee Kanaaljuffers
een Hoornaarzweefvlieg
een glansmug
parende Hoornaarvlinders
Vanzelfsprekend ga ik de kijker ook gebruiken om alles wat ver weg is dichterbij te halen.

Bloedprikken, de een kan het en de ander niet…..Deze dus niet. De vorige keer maakte ze het nog bonter, toen had ze twee armen en een vingertop nodig om twee buisjes te vullen. Gelukkig is ze er niet altijd op de prikpost. Ach…..wie weet……. gaat het de volgende keer nog beter. Ze krijgt nog een derde kans……….
In ” het Oude Ambachten- en Speelgoedmuseum” in Terschuur is het één en al nostalgie wat de klok slaat. Inmiddels ben ik daar nu zes keer geweest en iedere keer zie je dat er weer veel spullen aan de collectie zijn toegevoegd. Afgelopen week zag ik tot mijn verrassing de kartonnen huisjes van de Gruyter. Ken je die winkels nog? Elke week kreeg je bij de boodschappen “Het Snoepje van de week”. Dat was een klein stukje speelgoed voor de kinderen. In de jaren zestig kreeg je wekenlang een kartonnen bouwplaat van huizen en andere gebouwen. Genoeg om een compleet dorp van te maken.


Je moest volgens de instructies lege luciferdoosjes op een bepaalde manier aan elkaar plakken en daar omheen de bouwplaat bevestigen. Dat leverde een stevig bouwsel op. Het in elkaar zetten van de gebouwen was een leuk werkje. Ik herinner me nog diverse gevelhuisjes, een station, enkele boerderijen, een kerk, stadhuis en een school. Er zat geloof ik ook een flat bij. Ik heb ze denk ik allemaal gemaakt, want het was een grote doos vol. Wie kan het zich ook herinneren?





Het huis
waar ik als kind
zoveel beleefde,
mijn thuis,
heb ik vandaag
voor ‘t laatst bezocht
de kamer, waar
door het eentonig tikken
van de klok
de stilte stiller leek
en ik verscholen
onder het bureau
mijn droomverhalen speelde,
kent nu de rust niet meer
de zolder,
waar de diepe kast
mijn schuilplaats was,
laat ik mijn angsten na
de kachel
met de vonkjes vuur,
die mij uren in verrukking brachten,
laat de gloed na
van een liefdevolle jeugd
voor ‘t laatst
sluit ik de deur
dag huis….
ik draag je over
aan de tijden van voorbij.
Niet alleen mensen zitten elkaar soms dwars. Dieren kunnen er ook wat van.
Vijf koeien op een rijtje….
…..let op de koe rechts……
…..die loopt achter de drie middelste koeien langs naar de koe links……
…..geeft deze koe links een zetje zodat die met haar voorpoten in een greppeltje glijdt…..
….hup, nog een duwtje…..
……en vervolgens de vermoorde onschuld spelen als de geplaagde koe met veel pijn en moeite op de kant probeert te klauteren……
…..daar gaat het stel, al of niet eensgezind.
In de Alblasserwaard ligt een klein aardig dorpje, Giessenburg. Mijn lief en ik hebben daar een heel gezellige middag doorgebracht. In Giessenburg staat een voormalige graanmaalderij die in de wijde omgeving bekend staat als de uitdragerij van Arie Boer.

Dit is het oorspronkelijke gebouw zoals het in 1909 werd gebouwd. Op 24 maart 1911 brandde het af en op diezelfde plek herbouwd. Dit tweede gebouw was groter dan het oorspronkelijke.

Deze foto laat ik zien zodat jullie enig idee hebben hoe groot het huidige gebouw is. Op de foto is de achterzijde van het gebouw te zien. Het is de plaats waar Arie Boer alles verkocht dat hij in de loop der jaren bijeen had gebracht. Links op de foto is hiervan iets te zien.
Toen ik vele jaren geleden voor het eerst hier kwam wist ik niet wat ik zag. Buiten stond het afgeladen met smeedijzeren hekken in alle soorten en maten, poortdeuren, fonteinen en nog héél véél meer. Dat was nog maar het begin.
Zoals je op de foto ziet zijn er vier verdiepingen. Op drie daarvan stond het van voor naar achter, van boven naar beneden stampvol met spullen. Met stampvol bedoel ik ook écht stampvol, de paadjes tussen de spullen. die vaak tot aan het plafond waren opgestapeld, waren hooguit een meter breed en soms kon je er alleen maar door als je zijwaarts liep. Je kon het zo gek niet verzinnen of het was daar te koop en lag ergens op, tussen of onder en de eigenaar wist feilloos wáár alles lag. Ik neem je niets kwalijk als je denkt dat ik overdrijf, want als ik het niet met eigen ogen had gezien, had ik het ook niet geloofd. Op de derde verdieping stonden deuren, duizenden binnendeuren, mannetje aan mannetje. Op de vierde verdieping was en is er nog steeds een museum met allerhande prachtige oude spullen.

In dit museum, de Oude Winkel genaamd, valt een complete smederij, snoepwinkel, kruidenierswinkel, antieke kinderwagens, oude motoren, serviezen, grammofoons en platenspeeldozen, oud handwerk en veel meer te bewonderen.
Als dit museum ooit nog eens zou moeten sluiten, dan staan de gerenommeerde musea, die oude gebruiksvoorwerpen in hun collectie hebben,te trappelen om hier hun slag te kunnen slaan. Op diezelfde verdieping woonden de eigenaren, Arie Boer en zijn vrouw, in prachtig ingerichte kamers. Dat kon je zien, want tussen het museumgedeelte en hun woonvertrekken waren glazen wanden en het was echt de bedoeling dat je dus bij hen naar binnen keek. Het was de brandweer die aan deze situatie een einde maakte door te stellen dat het pand té gevaarlijk was om in te blijven wonen. Zelfs als bezoeker durfde je er niet aan te denken wat er zou gebeuren als er brand uit zou breken, want dan zat iedereen in dit pand als ratten in de val.
Na vele jaren heb ik de uitdragerij weer bezocht. Er is heel veel veranderd.
Het aantal hekken voor het pand is drastisch verminderd

De entree, boven de deur kun je lezen: uitdragerij Arie Boer
De kinderen en aangetrouwden hebben het bedrijf overgenomen en nu is alles anders ingericht. De koopwaar is aantrekkelijk en overzichtelijk uitgestald. Het aanbod varieert van oude bouwmaterialen, prenten, oude gereedschappen, kachels, fornuizen, schouwen, oude deuren, fonteinen, tuinbeelden, smeedijzeren hekken tot allerlei gebruiksvoorwerpen uit grootmoeder’s tijd en hedendaagse landelijke decoraties en meubels en nog veel meer. Zowel oude als nieuwe spullen worden te koop aangeboden.

Een doorkijkje met honderden deuren die mannetje aan mannetje staan opgesteld
In het midden op de tafel tegen de wand staat een klok, een identiek exemplaar stond bij mijn grootouders op de schoorsteen


Naast de uitdragerij zijn er nog een aantal winkels van deze ondernemende familie op donderdag, vrijdag en zaterdag geopend. Op www.cj-weblog.nl ( categorie dagtochtjes: Middagje Giessenburg) lees je daar alles over. Op zaterdag is ook het museum helemaal bovenin het gebouw geopend. Trappen lopen geblazen, want er is geen lift. Ik kan iedereen aanbevelen om deze uitdragerij, het museum en de andere leuke winkeltjes te gaan bezoeken. Je kijkt je ogen uit en het is werkelijk genieten als je er rondloopt.
In een van de winkeltjes stond dit aardige tafereeltje. Als poppenhuisverzamelaarster kon ik het niet laten om het op de foto te zetten
Vandaag kwam ik op de geschiedenispagina van Wikipedia de naam van Prof. Wilhelmina Bladergroen tegen, het is haar geboortedag. Deze vrouw heeft een grote rol gespeeld bij de didactische lessen die ik op de vroegere “Kweekschool voor kleuterleidsters” kreeg. Prof. Bladergroen was orthopedagoge en een voorvechtster van een goede begeleiding van de ontwikkeling van kinderen. Haar leven lang heeft zij zich daar volledig voor ingezet.

Zij was fel tegen maatschappelijke ontwikkelingen die een vrije ontplooiing van het kind in de weg stonden, zoals het opgroeien in flats, het verdwijnen van plaatsen waar kinderen veilig buiten kunnen spelen, teveel televisiekijken dat passiviteit veroorzaakt en zo meer. Prof. Bladergroen hechtte veel waarde aan kinderspel en goed speelgoed.
Oorspronkelijk was ze lerares en kwam veel sociale ellende tegen. Ze besloot in 1932 aan de Universiteit van Amsterdam psychologie te gaan studeren. Zij haalde haar doctoraal op 6 juli 1940 en vestigde zich in Amsterdam, waar zij in 1941 kinderen met leermoeilijkheden ging begeleiden. Er werden uit het gehele land kinderen aangemeld en in 1943 stichtte zij ondermeer een school, bestemd voor kinderen met leer-en opvoedingsmoeilijkheden, de eerste LOM-school. Zij voerde ook, naar Amerikaans voorbeeld, de “remedial teaching” in, de hulp aan schoolkinderen die in hun ontwikkeling waren achtergebleven.
“Mijn spelen is leren” is een uitspraak van haar evenals:,, Speelgoed is voedsel voor het spel”.
Wilhelmina Bladergroen was een pionier in het toekennen van pedagogische waarde aan speelgoed. Goed speelgoed stimuleert de creatieve, constructieve, cognitieve, sociale en motorische ontwikkeling van kinderen. Wie niet voldoende speelt raakt achterop. Een kind dat onvoldoende mogelijkheden heeft gehad om zich spelend te ontwikkelen, heeft later moeite om op school het leertempo bij te houden.
Ooit was de verkiezing van “Speelgoed van het Jaar” een initiatief van prof. Bladergroen. Zij wilde de waarde van goed speelgoed op deze wijze bijzonder benadrukken. In de beginjaren zaten er pedagogen in de jury. Inmiddels is deze verkiezing verworden tot marketing. Pure commercie helaas.
Prof. Bladergroen heeft meerdere boeken geschreven over het belang van spelen en goed speelgoed. Wie meer over deze boeiende vrouw wil weten kan op internet veel over haar vinden.

De vogels in de tuin weten wel wat ze moeten doen tijdens deze hitte.
Goed drinken
Een verfrissende duik nemen. Achter het takje met de rode bloempjes spetteren twee mussen lekker in het water.
Wat doen wij?
Ik kreeg een pakketje met mini-kerstspullen voor in de 1-12 kerstwinkel. Als ondernemer moet je zorgen dat je bijtijds je koopwaar in huis hebt.
De sneeuwpop is in verhouding eigenlijk veel te groot, maar ik vond hem te geinig om hem niet aan te schaffen. De truc is nu om hem wat achterin de winkel te zetten, dan valt het minder op dat zijn formaat niet klopt.
…zo zou het kunnen, rond de kerstdagen zien jullie de definitieve opstelling…
…….verder drinkt de liefhebber……
….een lekker biertje…..
…..en wie geen bier lust…..
…..versmaadt dit lekkers niet….
Doe het allemaal rustig aan, drink voldoende. Snoep zoute drop en drink bouillon om het zoutverlies aan te vullen en denk aan sneeuw, winter en ijs. Met deze verkoelende gedachten komen we de warme dagen wel door.

Zij mag haar hoedje en slinger voorlopig nog ophouden
|
Blog onder de Creative Commons Attribution-NonCommercial 3.0 License:
|